logo VBB Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Brandweerwezen

Homepage Index GMS-signaal Brandweerverbindingen

GMSsignaal 24 : juli 1998

Eerste resultaten GMS-pilots bemoedigend

GMS is uit de startblokken! De drie pilotregio's in de eerste pilotronde zijn allemaal begonnen met de operationele fase. In de politiemeldkamer Zaanstreek-Waterland wordt het systeem sinds 29 april operationeel gebruikt. De brandweer- meldkamer van de regio Twente is op 19 mei van start gegaan. De meldkamers van brandweer en CPA in Eindhoven zijn op respectievelijk 16 en 30 juni de operationele gebruiksfase ingegaan. In deze uitgave van GMSsignaal vertellen centralisten uit Zaanstreek-Waterland en Twente over hun eerste ervaringen met het systeem.
In de maanden voorafgaand aan de start van de operationele fase is door het projectbureau en Siemens nog een extra release van het systeem uitgebracht. versie 1.4.0. In deze versie zijn de laatste aanpassingen verwerkt naar aanleiding van onder- meer ervaringen met het opleidingstraject en het vullen van de databases. In de periode januari tot en met april zijn door de pilotregio's en het projectbureau GMS alle voor- bereidende werkzaamheden afgerond. De operationele database is verder gevuld met gegevens, procedures rond het gebruik van het systeem in de meldkamer zijn verder geoptimaliseerd en er is nog een laatste routinetraining voor centralisten gehouden.

24 uurs-ondersteuning

Veel aandacht is besteed aan ondersteuning van de pilotregio's in de eerste dagen na de ingebruikname. Om niets aan het toeval over te laten en om bij eventuele storingen of uitval van het systeem snel maatregelen te kunnen nemen zijn medewerkers van het projectbureau en Siemens gedurende de eerste week 24 uur paraat geweest in de meldkamers. Voor eventuele storingsgevallen is een soort 'calamiteiten- scenario' opgesteld. waarbij afhankelijk van de ernst van het probleem achtereenvolgens leden van het projectbureau. de projectleiding en deskundigen van Siemens snel konden worden gealarmeerd. "Die voorzorgsmaatregelen moet je gewoon nemen", stelt regio- begeleider Marcel Huting van het projectbureau. "Want ook al hadden we op basis van de laatste testronden het volste vertrouwen in het systeem, je kan het risico niet lopen dat in de operationele gebruiksfase het meldkamerwerk stil valt. En met een nieuw systeem heb je altijd een beperkt risico op aanloopmoeilijkheden. Daar hebben we ons goed op voorbereid. Van de 24 uurs- ondersteuning is volgens Marcel Huting vrijwel geen gebruik gemaakt. Er moesten slechts enkele kleine problemen worden opgelost, die het meldkamerwerk niet hebben beïnvloed. Eigenlijk kunnen we stellen dat de operationele ingebruikname soepel en probleemloos is verlopen.

Cebruik optimaliseren

In de komende maanden zal het gebruik van GMS structureel worden gemonitord, om de noodzakelijke gegevens voor de evaluatie van de pilots op tafel te krijgen. Ook zal hiervoor op twee momenten, bij de start en aan het eind van de operationele pilots, een enquete onder de centralisten en leidinggevenden worden gehouden. Daarbij zal ondermeer de vraag worden gesteld of de centralisten in de drie tussenliggende maanden een andere mening over het gebruik van GMS hebben gekregen. Samenvattend zegt Huting dat het projectbureau tevreden is met de eerste resultaten. Ook het feit dat een aantal piekbelastingen, ondermeer tijdens hevig noodweer in Twente, goed door GMS kon worden opgevangen. draagt bij aan dit optimisme. "Juist in omstandigheden met grote piekbelasting van de meldkamer moet het systeem zijn ondersteunende rol waar maken", aldus Huting. "De komende tijd zullen we in overleg met de regio's bekijken hoe het gebruik nog verder kan worden geoptimaliseerd. Gebleken is namelijk wel dat de centralisten met GMS werken zoals ze dat ook met hun oude meldkamersystemen deden. Eén van onze ervaringen is bijvoorbeeld dat centralisten. net zoals ze dat vroeger deden, nog steeds meldingen mondeling door roepen naar hun collega, terwijl met een druk op de knop de gegevens al worden verzonden van de aannamecentralist naar de uitgiftecentralist. De centralisten moeten zich nog eigen maken optimaal te profiteren van de functionaliteiten die het systeem biedt. Het kost tijd om van een bepaalde cultuur afstand te nemen. daar moet ook aandacht aan worden geschonken.


Politie Zaanstreek-Waterland:
GMS biedt meer informatie, maar snelheid kan nog beter

GMS is een goed systeem, biedt meer informatie dan het oude meldkamersysteem. maar de verwerkingssnelheid valt toch wat tegen. Dat zijn kort samengevat de eerste ervaringen met GMS in de politiemeldkamer Zaanstreek-Waterland. Centraliste Marjan Straatman en centralist-systeembeheer Bert Janssen vatten de eerste twee maanden operationeel GMS-gebruik samen.

Al één dag na de ingebruikname van GMS, kreeg het systeem in Zaanstreek-Waterland zijn eerste vuurproef. In de nacht van 30 april leverde de traditionele 'koninginnedagviering' nogal wat meldingen bij de politiemeldkamer op. "We konden het systeem dus direct goed uittesten. Op zich ging dat best goed", zegt Marjan Straatman. "lk merkte alleen dat het systeem wat moeite had de snelheid bij te houden waarmee ik mijn gegevens wilde invoeren. Die wat trage performance is eigenlijk een van onze weinige kritische aandachtspunten. Een ander punt van aandacht is dat de locatiebestanden van GMS en BPS kennelijk nog wat van elkaar afwijken. Na verwerking van een melding en doorzending naar BPS wordt een adres soms niet herkend, waardoor meldingen die nog moeten worden afgewerkt. kunnen zoekraken. Wij als centralisten merken daar niets van. maar voor de agent op straat is het lastig. Verder is GMS zondermeer een goed systeem dat veel meer informatie biedt dan de BPS-meldkamermodule die we hiervoor gebruikten." Als grootste pluspunten van GMS noemen Marjan en haar collega Bert Janssen de mogelijkheid om in de omgeving van een meldadres 'rond te kijken' naar aangrenzende objecten en straten en het intelligente kladblok.

Stekker eruit

Aanvankelijk was het de bedoeling dat gedurende een overgangsperiode het oude meldkamersysteem nog operationeel zou worden gebruikt. met 'schaduwgebruik' van GMS. "Uiteindelijk hebben we ervoor gekozen om toch maar ineens de stekker uit het oude systeem te halen en direct operationeel op GMS te gaan werken. Dat vind ik wel de beste manier. De praktijk is immers toch de beste leerschool". aldus Marjan. Bert Janssen vult aan: "Schaduwdraaien kan wel de risico's in de overgangsperiode beperken. maar je moet er ook de mogelijkheden voor hebben. Die hebben wij niet. Het aantal meldingen is te groot en de werkbelasting van de centralisten te hoog om gelijktijdig met twee systemen te kunnen werken. Dat komt ook doordat wij een relatief kleine meldkamer zijn, waar de centralisten echter wel meer informatietaken zelf uitvoeren. In grotere meldkamers zijn dergelijke functies vaak gescheiden. Kortom: de werkdruk is hoog. Het was overigens best een spannend moment, maar de operationele ingebruikname van GMS verliep vlekkeloos." Janssen omschrijft GMS als een systeem dat meer informatie biedt en waar centralisten meer uit kunnen halen dan uit het oude systeem. "Tegelijk is het ook wel een complexer systeem. waar je zeker in het begin goed je hoofd bij moet houden. Informatie over personen, objecten en instanties konden we in de oude situatie bijvoorbeeld uit één bestand halen. Nu moeten we daarvoor afzonderlijke tabellen raadplegen. Overigens ben ik ervan overtuigd dat het systeem nog verder zal worden verfijnd. Een pilot is immers bedoeld om ervaringen op te doen en om de performance verder te verbeteren. Ik ga ervan uit dat de ervaringen in de pilotregio's bijdragen aan een verdere verbetering van het product en dat het nog gebruikersvriendelijker zal worden. Maar in het algemeen zijn we zondermeer tevreden over de steun die GMS ons biedt."

Regio Twente:
Snelheidswinst in verwerking nu al merkbaar

Op de alarmcentrale van de Regionale Brandweer Twente is men na ruim een maand werken met GMS overtuigd door de voordelen van het systeem. De snelheidswinst in de verwerking van meldingen is nu al evident en zal. na de introductie van de melder-identificatie, nog verder kunnen worden teruggebracht. En ook in deze regio heeft GMS zijn eerste vuurproef gehad, tijdens het noodweer dat Oost-Nederland trof in de avond van 6 juni.
In tegenstelling tot Zaanstreek-Waterland is in Twente wel een aantal weken sprake geweest van 'schaduw draaien' van GMS, terwijl de feitelijke verwerking van meldingen nog met het oude 'eigen' meldkamersysteem gebeurde. "Daardoor hebben we stapsgewijs routine kunnen opbouwen in het gebruik van GMS", zegt centralist Albert Kamphuis. "We hebben weliswaar kort voor de start onze opleiding gehad maar echte routine doe je op in de praktijk." Zijn collega. Carel Sand. vult aan: "Behalve het parallel aan elkaar verwerken van meldingen op GMS en het oude systeem. hebben we ook reeds verwerkte incidentrapporten nogmaals in GMS nagespeeld om te zien of die meldingen ook een inzetvoorstel volgens de juiste afspraken en procedures opleverden. Zo hebben we nog enkele fouten in de operationele database kunnen opsporen, voordat we volledig operationeel op GMS zijn gaan werken."

De vuurproef voor GMS in Twente kwam tijdens het noodweer op zaterdag 6 juni. Albert Kamphuis: "Binnen de kortste keren stroomden de meldingen van omgevallen bomen, wateroverlast en blikseminslag binnen. In totaal hebben we ruim 170 meldingen binnen gekregen. In het begin was het invoeren niet bij te houden, maar dat red je met geen enkel meldkamersysteem. Je kwam gewoon handen en voeten te kort; want we moesten gegevens noteren en direct alweer de volgende melding aannemen." Aanvankelijk werden de eerste tien meldingen in GMS ingevoerd, maar dat ging te traag. De systeembeheerder heeft toen alle op papier opgekrabbelde gegevens van hulpaanvragen in GMS ingevoerd in het aannamescherm. De centralisten zagen ze vervolgens op hun scherm verschijnen. "Na anderhalf uur hadden we de hele stapel wachtende meldingen in GMS verwerkt en vanaf dat moment kon iedere melding rechtstreeks in GMS worden ingevoerd. Ik ben ervan overtuigd dat ons dat met geen enkel ander meldkamersysteem zou zijn gelukt", aldus systeembeheerder Gerrit Ekkel.

De start van GMS in Twente bood de mogelijkheid om direct een organisatorische verandering in de brandweerzorg in te voeren, waaraan enkele jaren studie en overleg vooraf is gegaan. Sinds 19 mei worden brandweerkorpsen ingezet op basis van operationele grenzen in plaats van gemeentegrenzen. De centralist hoeft zich hierdoor niet meer bezig te houden met de vraag welk korps voor een bepaald meldadres moet worden gealarmeerd, maar volgt het inzetvoorstel van GMS. De snelheidswinst bij het aannemen en verwerken van een melding is hierdoor aanzienlijk verhoogd. Carel Sand denkt een inzetvoorstel met GMS in bijna de helft van de tijd ten opzichte van het oude systeem op zijn scherm te hebben. "De bedoeling is dat we het uiteindelijk in 30 seconden redden. Als de telefoonkoppeling eenmaal is gerealiseerd, moet dat haalbaar zijn. Dan hebben we zeker 20 seconden minder tijd nodig met het invullen van de NAW-gegevens, want die staan direct op de juiste plaats in het scherm. Belangrijke functies, die centralisten Albert Kamphuis en Carel Sand noemen, zijn ondermeer de 'waarneemfunctie' voor brandweerkorpsen die buiten dienst zijn en de 'Afspraak op locatie'. "Dit betekent dat we bij bepaalde adressen bijzonderheden kunnen registreren. die ons bij een brand- of ongevallenmelding op dat adres waarschuwen. Bijvoorbeeld als iemand vanwege een ademhalingsziekte een zuurstoffles thuis heeft staan. Of als in een bepaalde gelegenheid vanwege een feest een groot aantal mensen bijeen is. Het is prettig dat soort dingen te weten als je een brandmelding van een adres krijgt. Vroeger hadden we daarvoor massa's gele briefjes op de meldtafel geplakt. Zo raakte nog wel eens wat nuttige informatie zoek. Van dat probleem zijn we nu af.


Privicy en GMS

Omdat de GMS-registratie een persoonsregistratie is waarin verschillende persoonsgegevens zijn opgenomen. dient hiervoor een privacyreglement op regionaal niveau te worden vastgesteld. Door het ministerie van Binnenlandse Zaken wordt aan alle regio's die met het GMS gaan werken als service een model-privacyreglement ter beschikking gesteld. Bij het instellen van een privacyreglement op regionaal niveau moet ondermeer worden bepaald welke bestuurlijke autoriteit het privacyreglement vaststelt. Als het GMS (mede) door de politie wordt gebruikt. zal het privacyreglement op grond van artikel 1 van de Wet politieregisters door de korpsbeheerder van de politieregio worden vastgesteld. Is er sprake van gebruik van het GMS door de brandweer en de CPA. dan moeten de regionale bestuurders in onderling overleg bepalen welk bevoegd gezag op grond van artikel 1 van de Wet persoonsregistratie een privacyreglement moet vaststellen. Het model privacyreglement kunt u opvragen bij het projectbureau GMS.


Portering GMS

Het ministerie van Binnenlandse Zaken en het politieveld zijn in 1996 overeengekomen een versie van GMS te ontwikkelen op een alternatieve configuratie. Het omzetten van het Relationeel Database Management Systeem (RDBMS) van het GMS naar de door de politie in 1997 gekozen standaard Sybase blijkt echter, op basis van onderzoek van Logica en KPMG, vergaande technische en financiële consequenties te hebben. Tevens zou het project daardoor tenminste anderhalf jaar vertraging oplopen. Het ministerie verzocht daarom het Korpsbeheerdersberaad (KBB) in overweging te nemen of een versie van GMS aanvaardbaar zou zijn, waarbij gebruik wordt gemaakt van Oracle als RDBMS. Het KBB is heeft hiermee ingestemd op voorwaarde dat de meerkosten voor het politieveld door het ministerie worden vergoed.

Het GMS na de portering is, net zoals nu, geschikt voor alle meldkamers in Nederland. Dus zowel voor de politie, de brandweer als de ambulancezorg, alleen de apparatuur waar het op draait is anders. Dit betekent voor de server van GMS dat het naast de huidige server van Siemens ook draait op een Digital Alpha met het operating systeem Digital-UNIX. De werkstations worden omgezet naar Windows-NT, dit betekent dat deze kunnen functioneren op de meeste Intel-PC-platforms. Het Relationeel Database Management Systeem ORACLE blijft gehandhaafd. De opdracht voor het porteren van GMS is reeds aan Siemens gegeven. Volgens de huidige planning is de geporteerde versie begin 1999 beschikbaar


Homepage Index GMS-signaal