|
Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Brandweerwezen |
Huisje, boompje, beestje,
Maquettes hebben toch wel iets
Tekst en maquettes: Peter Snellen
Foto's: Ludo van Gestel
Van jongs af aan zat het er al in. Op de treintafel met de oerdegelijke Märklinrails,
die ik vanaf mijn zesde jaar mijn eigendom mocht noemen, reed het treintje zijn
eindeloze rondjes. Daar was ik al snel op uitgekeken. Zelfs aanvullingen in de
vorm van wissels, stootblokken en bruggen mochten mijn belangstelling in de
trein als zodanig niet echt vergroten. Nee, die belangstelling ontstond pas,
toen de eerste huisjes, poppetjes, boompjes en wat dies meer zij, hun intrede op
de treintafel deden. Ik ontdekte wat tegenwoordig met een goed Nederlands woord
“sceenery” wordt genoemd.
Ook als jongen van een jaar of tien kreeg ik zo al spoedig in de gaten, dat al
die zaken dezelfde schaal (in mijn geval dus 1:87) moesten hebben. Spelenderwijs
leerde je, wat schaalverhouding betekende. De theorie op school, daar begreep ik
niks van. Waarom is er nou niet één van mijn schoolmeesters op het idee
gekomen, mij een en ander uit te leggen aan de hand van een maquette.
Mijn eerste huisje was er een van plastic, een simpel kant en klaar ding, maar
wel heel aardig om te zien. Alleen, het was toch wat klein, en deze slimmerik
zette het huisje dus ver naar achter, want dan viel het niet zo op dat het veel
te klein was uitgevallen. En die ene Matchbox, die was veel te groot. Die mocht
niet eens bij de trein staan.
Nu, meer dan vijfenveertig jaar later – het bloed kruipt waar het niet gaan
kan – kriebelt het nog regelmatig in mijn binnenste. Dan wordt het tijd weer
eens iets in elkaar te draaien, dat op een modelspoorbaan lijkt. Maar wat doe
je, als iemand die daarvoor geen plaats heeft? Je gaat noodoplossingen zoeken.
Het idee kwam enkele jaren geleden, toen ik als kerstcadeau van mijn toenmalige
directeur een klein blankhouten kistje met glasruitje kreeg, waarin een klein
kerststukje (en cadeaubon) was geplaatst.
Na de kerstdagen verdween het kerststukje en ik hield een
klein kistje over, waarvoor ik zo een twee drie geen bestemming vond. Maar op
een regenachtige zondagmiddag kreeg ik het lumineuze idee, een achtergrond in
dat kistje te plakken, er wat autootjes bij te planten en enkele – nog uit
mijn kinderjaren overgebleven – Preiserpoppetjes erbij te zetten. De eerste
minimaquette was daarmee een feit. Een auto-ongeval in de vroege jaren ’60 van
de vorige eeuw was het thema. Die auto’s had ik nog liggen en die pasten toch
niet in de collectie. Het geheel meet slechts
Nou bleken die kistjes ook in grotere afmetingen te bestaan (
![]() |
![]() |
De derde display was wat ingewikkelder. Hier wilde ik gebruik maken van hoogspoor. Alleen, dat zou te breed zijn geweest voor de geringe diepte van het kastje. Dan maar een trammetje, dat in een ver verleden eens voor enkele guldens werd aangeschaft.
![]() |
![]() |
Ook hier is weer gebruik gemaakt van de platen van NZG, die echter – als
altijd - te groot waren. De benodigde onderdelen werden dus gescand, tot de
juiste proporties teruggebracht en vervolgens afgedrukt, uitgeknipt en
opgeplakt. De gebouwen op de achtergrond kwamen volgens hetzelfde procédé tot
stand. De auto is een Matchbox ziekenwagen, wel 1:87 (ook dat komt voor) die een
kleurspoeling over zich heen heeft moeten laten gaan. En wat gebeurt er op die
maquette? Niets, het is loos alarm. De kleine meid rechts heeft de brandweer
gebeld, die nu voor niets is uitgereden. Ook dat is een klein stukje
werkelijkheid.
Na enig experimenteren met de gescande NZG achtergronden slaagde ik erin, ook in
een gebouw spontaan een flinke uitslaande brand te laten plaatsvinden. De
Magirus brandweerwagen (Wiking) wordt gevolgd door een nog oudere autoladder. De
(ook al heel oude en pensioenrijpe) Preiser motoragent moet en zal eerder bij de
brand zijn dan de brandweer. Zeggen ze iets van scannerrijders…
![]() |
![]() |
Een bezoek aan Miniatur Wunderland (www.miniatur-wunderland.de) in Hamburg is voor elke modelbouwer een absolute must. In een oud pakhuis heeft men honderden vierkante meters spoorbaan, met rijdende treinen, uitrukkende brandweerwagens, met dag en nacht en sinds kort ook: met eb en vloed in het Scandinavisch gedeelte. Na mijn eerste bezoek aldaar begon het weer te kriebelen. Eigenlijk zou ik best, net als vroeger, weer een flinke treinbaan opzetten. Maar het ruimteprobleem blijft.
![]() |
![]() |
Toch maar eens de restanten van de modelspoorbaan uit mijn jeugd opgezocht. En zie daar, ook op een klein plankje past een hoop spul; enkele tweedehands gebouwtjes, wat groen en wat laadgoed; een mooie achtergrond doet de rest. De gebeurtenis: er is een gaslek ontstaan en enkele werklieden proberen de leiding bloot te leggen. De brandweer staat paraat, maar hoeft gelukkig niet in te grijpen.
![]() |
![]() |
Na mijn tweede bezoek aan Hamburg werd het tijd voor een wat groter project.
Eigenlijk hoefde het wat mij betreft niks met brandweer te maken te hebben. Ik
wilde gewoon een emplacementje bouwen, zoals ik ze nog gezien heb in mijn vroege
jeugd. Kleine goederenloods, seinhuis, watertoren en waterkraan, kolenbunker.
Een project van een aantal maanden volgde. Het voorlopige resultaat is hier te
zien. Om het geheel ook voor deze site geschikt te maken, heeft er een vrij
ernstig ongeluk plaatsgevonden. Materieel en mensen uit de jaren vijftig –
waarin het geheel zich afspeelt – zijn ter plaatse. Over de manipulatie met
slachtoffers bij dit ongeval gelieve u niet te corresponderen.
Door Peter Snellen.