|
Nederlandse Vereniging van Belangstellenden in het Brandweerwezen | |
|
Naar Index-pagina Ambulance-hulpverlening |
Tweede ANWB helikopter kiest luchtruim vanuit Rotterdam
Vanaf 1 augustus 1999 staat op Rotterdam-Airport (Zestienhoven)
de tweede ANWB helikopter, de "Life-Line-Two" gestationeerd.
Zoals bekent is al enige jaren een ANWB helikopter in gebruik met als thuishaven
het VU-ziekenhuis in Amsterdam. De Rotterdamse Urgentie Helikopter is een
initiatief van de gezamenlijke havenbedrijven (Europoort Botlek Belangen en de
scheepvaart-vereniging Zuid). De organisatie ligt bij de ANWB in samenwerking
met het Academisch Ziekenhuis Rotterdam (AZR) en de ambulancediensten uit de
regio Rotterdam/ Rijnmond. Met een actieradius van 60 á 70 km bestrijkt de
Medische Urgentie Helikopter (MUH) het gehele gebied van Rijnmond en de
CPA-gebieden Haaglanden, Zuid-Holland Zuid, Zeeland tot Westerschelde en West-en
Midden Brabant. De helikopter, een Bolkow 105 CBS, heeft als registratie PH-KHE.
![]() |
Aanleiding om in Zuid-West Nederland een MUH te stationeren vormen de knelpunten in bereikbaarheid van locaties waar snelle medische hulp noodzakelijk is. De knelpunten bestaan hoofdzakelijk uit de moeizame bereikbaarheid over de weg, beschikbaarheid van ambulancediensten en het aantal centrumziekenhuizen dat geschikt is om patiënten op te nemen (polytrauma, brandwonden en cardiaal). |
Daarnaast groeit internationaal het inzicht dat slachtoffers een grotere kans hebben op herstel indien zij zo snel als mogelijk op de plaats van het ongeval behandeld worden door gespecialiseerde artsen. De MUH vliegt bij incidenten in het verkeer, bij bedrijven , in de havens en in de privé-situatie (ernstig ongeval of acute ziekte).
Verschil met Amsterdam
Omdat alleen de ziekenhuizen Dijkzigt (Rotterdam) en St. Elisabeth (Tilburg)
over neurochirurgie beschikken , is gezien de wegenstructuur, spoedvervoer over
grotere afstanden van ernstige ongevalslachtoffers naar deze ziekenhuizen per
helikopter is geïndiceerd. Hierbij kan het ook gaan om vervoer van patiënten
uit algemene ziekenhuizen in de regio naar de zogenaamde centrumziekenhuizen. In
Duitsland (en dus ook in de Duitse havengebieden) functioneert dit systeem al 25
jaar.
De verwachting is dat de helikopter gemiddeld 2 á 3 maal per
dag zal worden ingezet. De ervaring in het Buitenland leert dat ca. 52 % van de
vluchten geschiedt vanwege ongevallen (42 % verkeersongevallen, 10 %
bedrijfsongevallen), 23 % interne en cardiale spoedgevallen, 8 % overige
spoedgevallen en 17 % overplaatsingen.
In grote lijnen zijn de verschillen tussen het Rotterdamse en het Amsterdamse
project :
- Minder ziekenhuizen binnen de regio die specialistische urgentieteams kunnen leveren ;
- Minder ziekenhuizen met een specifieke centrum-funktie (polytrauma, neurochirur-gische hoofdcentra, cardiochirurgie, replantatiechirurgie, hyperthermie) ;
- Ongunstige geografische spreiding van centrumziekenhuizen ;
- Wegenstructuur die tot lange transporttijden kan leiden ;
- Inzetcriteria niet alleen ernstige trauma maar tevens ernstige acute ziektetoestanden (cardiologie, neurologie) of ongevallen met toxische stoffen en overplaatsing acuut bedreigde patiënten naar centrumziekenhuizen;
Alarmering van de MUH
De MUH wordt voor een inzet gealarmeerd door de AC/CPA Rijnmond op
brandweerkanaal 01 (167.970). Een alarmeringsbericht luidt als volgt :
"Hier volgt een bericht voor de Life-Line-Two, wilt u gaan vliegen voor een
aanrijding met beknelling op 147 graden, afstand 12 km, gemeente Barendrecht".
Vervolgens wordt de heli gestart en meldt de piloot zich bij de verkeerstoren
van Zestienhoven (118.200 AM). Na toestemming voor vetrek vliegt men altijd in
zuidelijke richting om het overige vliegverkeer zo min mogelijk te verstoren.
Eenmaal in de lucht neemt men contact op met de CPA Rijnmond via CPA-kanaal 01
(167.650) en worden de gegevens door de CPA herhaalt, tevens krijgt men
eventueel extra informatie als mede het kanaal van de betrokken CPA.
Evaluatie
De evaluatie van dit helikopterproject in Rotterdam zal worden toegevoegd aan de
evaluatie van het heli-trauma experiment in Amsterdam, wat in opdracht van de
Ziekenfondsraad wordt opgesteld.
De rapportage van het Amsterdamse project wordt in het voorjaar van 1998 verwacht. De ziekenfondsraad zal in 1998 op basis hiervan een advies aan de minister uitbrengen omtrent het opnemen van med
Uit : Infoblad Verbindingen 97/2 (P.J. Hofman)